De grafiek van een eerstegraadsfunctie

Download deze les als pdf

Stel dat de volgende eerstegraadsfunctie gegeven is:

f(x)=0,5x2f(x) = 0{,}5x - 2

Door enkele x-waarden in te vullen in dit functievoorschrift, kunnen we de bijhorende functiewaarden berekenen. Als we bijvoorbeeld 2\htmlClass{annot2}{\orange{2}} invullen, dan vinden we

f(2)=0,522=1\begin{aligned} f(\htmlClass{tgt2}{\orange{2}}) &= 0{,}5\cdot \orange{2} - 2\\ &= \htmlClass{annot}{-1} \end{aligned}

Bij de x-waarde 2\orange{2} hoort dus een functiewaarde van 1\htmlClass{target}{-1}. Het punt met coördinaten (2,1)(2, -1) ligt daarom op de grafiek van de functie f(x)=0,5x2f(x) = 0{,}5x - 2:

-10-8-6-4-20246810
y
-10-8-6-4-20246810
x
(2,1)(2, -1)

We kunnen andere willekeurige x-waarden invullen in de gegeven functie f(x)=0,5x2f(x) = 0{,}5x - 2. Onze resultaten zetten we in een waardentabel:

x-waardefunctiewaarde
-8-6
-2-3
2-1
61
-10-8-6-4-20246810
y
-10-8-6-4-20246810
x

De verschillende punten lijken op eenzelfde rechte lijn te liggen. Dit is geen toeval: de punten op de grafiek van een eerstegraadsfunctie liggen altijd op een rechte lijn. Als je voor nog veel meer x-waarden de y-waarde zou berekenen, zal je zien dat al die punten ook op diezelfde lijn liggen. De grafiek van de functie f(x)=0,5x2f(x) = 0{,}5x - 2 is:

-10-8-6-4-20246810
y
-10-8-6-4-20246810
x
f(x)=0,5x2f(x) = 0{,}5\cdot x-2
💡 Punten op de grafiek van een eerstegraadsfunctie

De punten op de grafiek van een eerstegraadsfunctie liggen altijd op een rechte lijn.

Invloed van mm op de grafiek

We gaan nu eens bekijken wat er met de grafiek van een eerstegraadsfunctie gebeurt als we de mm in het functievoorschrift veranderen. Herinner je dat mm het getal is waarmee xx wordt vermenigvuldigd in het voorschrift.

-10-8-6-4-20246810
y
-10-8-6-4-20246810
x
f(x)=xf(x) = x
m=1m = 1

Verander de waarde van mm door het bolletje van de slider heen en weer te schuiven. Gebruik je bevindingen om onderstaande oefeningen op te lossen.

Oefening NaN

Wanneer groter dan nul is...

We zien dat het teken van mm bepaalt of de functie zal stijgen of dalen en dat de absolute waarde van mm de steilheid bepaalt. We zeggen daarom dat mm de richting bepaalt van de functie en noemen mm ook wel de richtingscoëfficiënt of rico. De volgende les zoomt wat dieper in op de richtingscoëfficiënt.

Invloed van qq op de grafiek

We bekijken nu ook wat er met de grafiek gebeurt wanneer qq van waarde verandert. Herinner je dat qq het getal is dat bij mxmx wordt opgeteld in het voorschrift.

-10-8-6-4-20246810
y
-10-8-6-4-20246810
x
f(x)=xf(x) = x
m=1m = 1q=0q = 0

Verschuif het bolletje op de slider van qq en gebruik opnieuw je bevindingen om onderstaande oefeningen op te lossen.

Oefening NaN

Wanneer gelijk is aan nul ...

Je merkt dat qq een invloed heeft op hoe hoog de grafiek van de functie ligt. Wanneer qq verandert, verandert het snijpunt van de grafiek en de y-as. Meer zelfs: het snijpunt van de grafiek en de y-as heeft altijd qq als y-coördinaat. De grafiek van een functie y=mx+qy=m\cdot x + q snijdt de y-as dus altijd in het punt (0,q)(0, q).

Samengevat

💡 Invloed van mm op de grafiek van een eerstegraadsfunctie

De grafiek van een functie y=mx+qy=m\cdot x + q stijgt wanneer m>0m > 0 en daalt wanneer m<0m < 0. Hoe groter de absolute waarde van mm, hoe steiler de grafiek.

💡 Invloed van qq op de grafiek van een eerstegraadsfunctie

De grafiek van een functie y=mx+qy=m\cdot x + q snijdt de y-as in (0,q)(0, q).

Download deze les als pdf

Hoe duidelijk vond je deze les?

lamp_broken
lamp_off
lamp_on
👈 Vorige les: Wat is een functie van de eerste graad?
Volgende les: De richtingscoëfficiënt of rico 👉

Vragen en reacties

Hoe Zit Het? vzw
ON 0736.486.356 RPR Brussel